Weekly NL: de week van de langdurige werkloosheid, de investeringen, de loongroei en de ‘feebates’

  • Aantal langdurige werklozen zal waarschijnlijk niet gaan dalen
  • Trage formatie risico voor lonen en uitkeringen
  • Investeringskrimp in het tweede kwartaal geen teken van zwakte
  • IMF-advies: feebates voor het klimaat

 

[Download niet gevonden]

 

Aantal langdurige werklozen zal waarschijnlijk niet gaan dalen

Het aantal werklozen dat minder dan een jaar werkloos is, is in het afgelopen kwartaal afgenomen ten opzichte van het vorige kwartaal: van 255 naar 207 duizend werklozen. Het aantal langdurig werklozen is juist iets toegenomen, van 87 naar 90 duizend. Langdurige werkloosheid treft voornamelijk 55-plussers en laagopgeleiden. Oudere werknemers verliezen niet vaak hun baan, maar als zij werkloos worden is het risico van langdurige werkloosheid veel groter dan bij jongere werknemers.

Uit eerder onderzoek van het CPB bleek al dat de hoge, langdurige werkloosheid onder ouderen geen conjunctureel, maar een structureel probleem is. Mede onder invloed van de afschaffing van vervroegde uittredingsregelingen en de verhoging van de AOW-leeftijd in de afgelopen jaren zijn ouderen langer actief op de arbeidsmarkt. Ook blijven zij langer op zoek naar werk als zij hun baan verliezen.

Bij economisch herstel daalt vaak eerst de kortdurende werkloosheid en na enige tijd de langdurige werkloosheid. Werkgevers zijn geneigd om eerst werklozen in dienst te nemen die nog niet zo lang werkloos zijn, voordat ze langdurige werklozen – zo nodig na omscholing – aannemen. Met de huidige arbeidsmarktkrapte zouden werkgevers dus ook hun blik op langdurig werklozen moeten gaan richten.

Toch zijn werkgevers nog terughoudend daarmee. Er is nog veel onzekerheid op korte termijn: de deltavariant gaat rond en of er groepsimmuniteit komt door middel van de vaccinaties is ook niet gegarandeerd. Bovendien is de verwachting dat de arbeidsmarktkrapte gaat afnemen zodra de overheid de steunmaatregelen afbouwt. Hierdoor zal het aantal faillissementen toenemen en de werkloosheid stijgen. Ook komt arbeidsmigratie, met name uit Oost-Europa, weer langzaam op gang. Verder worden de zogenaamde ‘coronabanen’, zoals bij de GGD en GGZ, langzaam uitgefaseerd, zodat er nieuwe werkzoekenden de arbeidsmarkt instromen. Als gevolg hiervan neemt het aanbod van arbeid toe en blijft de kans dat langdurig werklozen aan de bak komen klein.

Al met al is het dus geen zekerheid dat met de huidige arbeidsmarktkrapte het aantal langdurig werklozen ook daadwerkelijk zal gaan dalen. (Nora Neuteboom)

 

Trage formatie risico voor lonen en uitkeringen

Goed en slecht nieuws voor huishoudens: de augustusraming van het CPB en de trage formatie.

In de augustusraming wordt de loonprognose naar boven bijgesteld. De CPB-loonprognose is eigenlijk meer dan een voorspelling. Op drie manieren werkt de loonprognose door in de lonen zelf. Allereerst zorgt de koppeling van de CPB-loonprognose aan het minimumloon ervoor dat bij een hogere prognose het minimumloon meestijgt, wat ook weer een stijging veroorzaakt van de lonen daarboven. Dit wordt het ‘spill over-effect’ genoemd. Ten tweede zorgen de mee stijgende uitkeringen ervoor dat de onderhandelingspositie van werkzoekenden verbetert. Een bijstandsgerechtigde die werk zoekt voelt zich, als de bijstand hoger is, minder genoodzaakt elk werk aan te nemen. Ten derde wordt de CPB-loonprognose vaak als argument gebruikt in cao-onderhandelingen: “laten we niet teveel van het gemiddelde afwijken”.

Tegenover dit goede nieuws staat het risico dat de trage formatie biedt. De zittende coalitie zal waarschijnlijk met een minder ambitieus belastingplan komen, omdat ze demissionair zijn maar ook omdat ze rekening willen houden met de wensen van nieuwe coalitiepartners. In 2019, 2020 en 2021 werden nog via wijzigingen in de inkomstenbelasting met name lage inkomens gestimuleerd. Dit keer zal dat minder ingrijpend zijn – als het al gebeurt.

Een trage formatie betekent ook dat wetswijzigingen per 1 januari 2022 steeds minder voorbereidingstijd hebben. Als het minimumloon per wetswijziging wordt verhoogd zal dat waarschijnlijk later pas ingaan – net als de gekoppelde AOW en bijstand.

In de CPB-augustusraming staat dat de koopkracht van zowel werknemers, uitkeringsgerechtigden als gepensioneerden in 2022 met 0,0% stijgt. Dit zou normaliter door Den Haag worden bijgesteld door op Prinsjesdag met nieuw beleid alle groepen toch een klein “plusje” te geven. Maar hoe langer de formatie duurt, hoe dichter huishoudens bij deze nullijn blijven. (Piet Rietman)

 

Investeringskrimp in het tweede kwartaal geen teken van zwakte

Afgelopen week verrasten de tweede kwartaalcijfers, in positieve zin. De Nederlandse economie groeide ten opzichte van het eerste kwartaal met 3,1% tegen de 2,1% die wij verwachtten en waar de consensus een groei van 1,5% was. Positieve uitschieters waren de consumptie en de uitvoer. Investeringen waren de enige dissonant tussen de overwegend positieve cijfers en vielen terug met 1,8% k-o-k. Waar kwam dit door en is dit een voorteken van zwakte in de komende kwartalen?

Allereerst is er het volatiele karakter van de investeringen. Er wordt vooral geïnvesteerd als de verwachtingen van de toekomst rooskleurig zijn en vice versa. Investeringen bewegen daarom met grotere uitslagen rondom het bbp-verloop. Ook ontwikkelen investeringen zich vrij schokkerig. Een kwartaal met negatieve groei hoeft dus niet direct reden te zijn om je zorgen te maken.

Dit geldt al in ‘normale’ tijden, laat staan in een jaar na de pandemie. Veel investeringen zijn gedurende 2020 uitgesteld vanwege het onzekere karakter van de pandemie. Vanaf het derde kwartaal van 2020 hebben de investeringen zich bijzonder sterk hersteld. In drie kwartalen zaten de investeringen weer ongeveer op het niveau van voor de pandemie. Ter vergelijking; de consumptie kende door de 2e lockdown een W-vormig herstel en is daardoor verder verwijderd van het niveau van voor de pandemie. Ook vanuit dit perspectief is een kwartaal ‘pas op de plaats’ na de sterke groei voor de investeringen nog geen teken van zwakte.

Dan zijn er ook nog de problemen bij internationale aanvoerlijnen en de productie van enkele cruciale goederen zoals chips. Gedetailleerde cijfers naar het type investering en het soort activa laten zien dat de investeringskrimp een gevolg kan zijn van deze turbulentie in de wereldhandel. Woninginvesteringen en investeringen in bijvoorbeeld transportmiddelen, waar producten voor nodig zijn die te kampen hebben met deze turbulentie, waren voorlopers in de krimp. Het is dus aannemelijk dat bedrijven mogelijk wel wilden investeren maar dat simpelweg niet konden vanwege een gebrek aan materialen.

Aan de rechtvaardiging van de investering kan het ook niet gelegen hebben. Het producentenvertrouwen in Nederland staat op een recordniveau en de industriële productie bevindt zich op een niveau dat hoger ligt dan voor de pandemie.

Al met al maakt één zwaluw nog geen, in dit geval, winter. Ondanks de bescheiden krimp van de investeringen in het tweede kwartaal hebben wij onze verwachting voor de komende kwartalen niet aangepast. Wij verwachten een groei van de investeringen van 4,3% j-o-j voor 2021 en van 2% j-o-j voor 2022. (Jan-Paul van de Kerke)

 

Advies IMF: feebates voor het klimaat

Deze zomer laaide de klimaatdiscussie op als nooit tevoren. Gruwelijke journaalbeelden van natuurrampen, zowel dichtbij huis als verder weg, onderstreepten de boodschap van het ook al zo vernietigende IPCC-rapport: de CO2-uitstoot moet snel omlaag.

Om dit te bereiken zijn aanpassingen nodig, zeker in Nederland dat een van de vieste jongetjes van de klas is.  De CO2-uitstoot per hoofd van de bevolking ligt ruim boven het EU-gemiddelde. In de hogere regionen van het linker rijtje meedoen, is een twijfelachtige eer die Nederland zal behouden als het geen aanvullende klimaatmaatregelen treft.

De huidige klimaatmaatregelen van Nederland schieten tekort om de Europese, laat staan de eigen doelstellingen te halen. Bovendien zijn niet alle huidige maatregelen even trefzeker. Zo krijgen bedrijven die boven een drempelwaarde uitstoten bij het huidige heffingssysteem een boete, wat aanmoedigt om de uitstoot de verminderen, maar ondervinden bedrijven die onder de drempelwaarde uitstoten, nauwelijks aansporing om zichzelf verder te verbeteren.

Het IMF adviseert de Nederlandse regering daarom in de toekomst vaker te vertrouwen op ‘feebates’ -een samenvoeging van ‘fee’ en ‘rebate’-, oftewel bonus-malusregelingen waarbij relatief vervuilende producenten/consumenten boetes betalen en relatief schone producenten/consumenten subsidies ontvangen.

Om een voorbeeld te geven: een bedrijf dat meer uitstoot dan gemiddeld in de sector waarin het actief is, krijgt van de fiscus de rekening gepresenteerd, terwijl een bedrijf dat onder het sectorgemiddelde blijft een belastingkorting ontvangt. Reductie loont, want hoe groter het verschil met het sectorgemiddelde, hoe hoger de boete/korting. En door het sectorgemiddelde jaarlijks bij te stellen, kan de overheid druk op de ketel houden en bedrijven stimuleren de uitstoot aanhoudend te verminderen.

Volgens het IMF bieden ‘feebates’ meer flexibiliteit dan de reguliere regelgeving. Ze zijn bovendien vlot en relatief goedkoop in te voeren, zeker als dit kan op basis van al bestaande administratiemethodes. Verder hebben ‘feebates’ geen nadelige gevolgen voor het begrotingssaldo wanneer boetes en subsidies in balans zijn met elkaar. Tot slot hebben ‘feebates’ een beperkt effect op de consumptie, omdat de lasten ervan evenwichtig over de diverse inkomensgroepen zijn verdeeld.

Als potentiële kandidaten voor ‘feebates’ noemt het IMF onder andere de sectoren industrie, bouw en landbouw. Of de Nederlandse overheid deze mogelijkheden ook ziet, is nog onduidelijk. De eerste gelegenheid dat de regering hierover een tipje van de sluier kan lichten is met Prinsjesdag. Maar het is waarschijnlijker dat er pas meer duidelijkheid komt bij de presentatie van het regeerakkoord van het volgende kabinet. (Philip Bokeloh)

Het bericht Weekly NL: de week van de langdurige werkloosheid, de investeringen, de loongroei en de ‘feebates’ verscheen eerst op Insights.

Source



Categories: Economie, Research