TRP: Centrale banken gaan groener denken

Groener, eerlijker en duurzamer bouwen aan de toekomst is niet alleen het doel van regeringen en bedrijven, centrale banken zijn ook begonnen met het opnemen van kwesties als gelijke kansen voor mannen en vrouwen en klimaatverandering in hun beleid. Wat kan van deze ontwikkelingen verwacht worden, en wat zijn de implicaties ervan voor de obligatiemarkten en het monetaire beleid.

Centrale banken bewegen zich in de richting van een flexibeler beleid

Centrale banken gaan verder dan hun traditionele doelstellingen van inflatie en groei. De Europese Centrale Bank (ECB) en de Bank of England hebben toegezegd bij hun besluitvorming meer rekening te zullen houden met de risico’s van klimaatverandering, en sommige andere centrale banken in ontwikkelde markten hebben sociale overwegingen in hun monetaire beleidskaders opgenomen. De Federal Reserve, bijvoorbeeld, richt zich op een "breed gedragen en inclusieve doelstelling" van volledige werkgelegenheid, wat betekent dat het werkloosheidspercentage in de verschillende lagen van de bevolking zal worden beoordeeld bij het nemen van beleidsbeslissingen, en niet alleen het algemene geaggregeerde percentage.

Quentin Fitzsimmons, portfoliomanager en lid van het obligatiebeleggingsteam van T. Rowe Price, verwacht dat het monetaire beleid flexibeler zal worden naarmate de doelstellingen van de centrale banken in de ontwikkelde markten evolueren en zich ook zullen richten op kwesties als gelijke werkgelegenheid en klimaatverandering. Volgens hem zal het waarschijnlijk moeilijker worden om de acties van centrale banken in de toekomst te voorspellen, omdat er nu met meer factoren en gegevens rekening moet worden gehouden.

Er zal waarschijnlijk ook meer onzekerheid zijn over de ontwikkeling van de inflatie, waarschuwt hij: “Wij erkennen dat er een potentieel risico bestaat dat centrale banken niet snel genoeg reageren op tekenen dat de prijsdruk in dit nieuwe kader toeneemt. Een centrale bank zou bijvoorbeeld een inflatieoverschrijding kunnen negeren als de werkloosheid in een bepaalde groep van de samenleving hoog blijft.”

Grotere rentevolatiliteit in het verschiet

Deze risico’s dragen bij tot een reeds gecompliceerd inflatiebeeld. "Het debat over de vraag of de huidige inflatiepiek van voorbijgaande of structurele aard is, blijft hevig gevoerd worden", aldus Fitzsimmons. Hij voegt eraan toe dat de inflatie weliswaar een piek kan hebben bereikt, maar dat deze hardnekkiger kan zijn en niet zo snel van deze hoge niveaus zal dalen als de markten verwachten. Dit zou de rentecurve van staatsobligaties van ontwikkelde landen weer steiler kunnen maken, maar dat zal waarschijnlijk niet gebeuren totdat de bezorgdheid over de deltavariant van het coronavirus is afgenomen.

Over het algemeen blijft de situatie dus erg onzeker. Weliswaar staat de deltavariant centraal op de obligatiemarkten, maar op de achtergrond spelen inflatierisico’s. Die risico’s worden nog vergroot door de onzekerheid over de toekomstige acties van de centrale banken, omdat niet duidelijk is hoe ze kwesties als gelijke kansen voor mannen en vrouwen en klimaatverandering in hun beleid zullen opnemen, meent Fitzsimmons.

Dit alles wijst erop dat de volatiliteit op de vastrentende markten waarschijnlijk zal toenemen, een trend die nu al zichtbaar is in 30-jaars staatsobligaties in bepaalde landen, waaronder Duitsland, het VK en de VS. Tegen deze achtergrond denkt Fitzsimmons dat het actief beheren van de duratie in de toekomst noodzakelijk zal zijn, omdat er waarschijnlijk meer flexibiliteit nodig zal zijn in een klimaat van grotere onzekerheid over het monetaire beleid.

Potentiële obligatie-opkoopprogramma’s worden gewijzigd

Om doelstellingen als het aanpakken van de klimaatverandering te helpen verwezenlijken, zouden centrale banken hun programma’s voor het opkopen van obligaties kunnen wijzigen. Op dit moment worden doorgaans obligaties gekocht uit alle sectoren die bijdragen aan de economie. In de toekomst kunnen centrale banken echter besluiten de voorkeur te geven aan obligaties van bedrijven die voldoen aan bepaalde ESG-criteria. Dit zou betekenen dat sommige bedrijven, die actief zijn in zwaar vervuilende sectoren, buiten de aankopen zouden kunnen vallen.

Fitzsimmons: "Er bestaat een risico dat er een markt van bedrijfsobligaties met twee niveaus ontstaat als centrale banken meer differentiatie gaan toepassen. Voor bedrijven die niet op de voorkeursaankooplijst staan, zou de liquiditeit namelijk kunnen verslechteren, waardoor de kredietpremie die nodig is om te lenen zou kunnen stijgen en het probleem verder zou kunnen verergeren.”

Positief is dat centrale banken waarschijnlijk een actieve rol zullen spelen in de groene evolutie. Het vooruitzicht dat obligatie- en kredietprogramma’s worden aangepast aan de doelstellingen op het gebied van klimaatverandering zal bedrijven er waarschijnlijk toe aanzetten veranderingen door te voeren, aangezien dit hun toegang tot financiering zou moeten vergemakkelijken. Deze ontwikkelingen onderstrepen het belang van een geïntegreerde ESG-aanpak, omdat die kan helpen vroegtijdig de bedrijven en sectoren te identificeren die positieve veranderingen doorvoeren. Het zal waarschijnlijk ook een sterke invloed hebben op hoe waarderingen beoordeeld worden wanneer gekeken wordt naar nieuwe obligatie-emissies die op de primaire markt worden gebracht.



Categories: Research