De week van de minimumloonstijging, teruglopende consumptie, de innovatiemonitor en goederenoverslag.

  • Minimumloon stijgt met 0,29% vanaf 1 januari 2021
  • Goede consumptiecijfers van augustus zetten niet door
  • Digitale investeringen kunnen beter volgens innovatiemonitor
  • Verminderde activiteit door stijging coronabesmettingen ook te zien in elektriciteitsverbruik en goederenoverslag data

[Download niet gevonden]

Minieme stijging minimumloon

Via de Staatscourant werd eerder deze week bekendgemaakt dat het minimumloon per 1 januari 2021 met slechts 0,29% stijgt, van € 1680,00 per maand naar € 1684,80 per maand. Dit komt overeen met onze analyse in het septembernummer van ESB waarin we daarnaast ook schrijven dat deze minieme stijging komt door het ‘na-ijleffect’. Dit is een correctiemechanisme voor aangepaste CPB-contractloonprognoses, waarvan het minimumloon afhankelijk is. In dit geval gaat het om het verschil tussen de contractloonprognose voor 2020 in het Centraal Economisch Plan (CEP) uit maart en de Macro Economische Verkenning (MEV) uit september. In de CEP-prognose zaten de gevolgen van de coronacrisis, die in diezelfde maand maart uitbrak, nog niet verwerkt. Het gevolg is dat het minimumloon in juli 2020 te hard steeg en in januari 2021 te weinig, zoals onderstaande figuur laat zien. In ESB stellen we voor dit effect voortaan te ondervangen door over te stappen op een real-time contractloonprognose.

Het gaat hierbij natuurlijk wel om een tijdelijke afwijking. De halfjaarlijkse stijging van het minimumloon volgt gemiddeld genomen gewoon de contractloonontwikkeling. Dat neemt niet weg dat ook deze tijdelijke afwijking negatieve gevolgen heeft in de eerste helft van 2021 voor de koopkracht van mensen zijn die afhankelijk zijn van het minimumloon of daaraan gekoppelde uitkeringen. (Piet Rietman)

Relatief goede consumptiecijfers van augustus zetten niet door

Vanochtend publiceerde het CBS de consumptiecijfers van huishoudens over de maand augustus: Consumenten besteede 5,8% minder dan in augustus 2019. De krimp is kleiner dan in de vijf voorgaande maanden. Een analyse van onze pintransacties laat zien dat dit herstel niet doorzet. In oktober leefde het virus weer op en was de tweede golf een feit. Daardoor werden consumenten voorzichtig met besteden en liepen begin oktober de pintransacties terug. Dit werd verder versterkt door de maatregelen die het kabinet nam op 12 oktober. Sinds deze ‘gedeeltelijke lockdown’ zien we pintransacties met gemiddeld 11% jaar op jaar terugvallen. Ter vergelijking; tijdens de eerste ‘intelligente lockdown’ daalde de pintransacties met gemiddeld zo’n 20% jaar op jaar (medio maart t/m eind mei). De afname van 11% is niet echter volledig te wijten aan de strenge maatregelen. Wij concludeerden eerder al dat de reactiefunctie van de consument op het opleven van het virus ook een belangrijke factor is. Daarnaast spelen tijdens de tweede golf ook tweede ordereffect een sterkere rol: hogere werkloosheid, uitstel van bedrijfsinvesteringen en toename van faillissementen spelen een grotere rol dan tijdens de eerste golf.

Het juiste moment voor digitalisering.

Jaarlijks voeren de Universiteit van Amsterdam en onderzoeksbureau SEO de Nederlandse Innovatie Monitor uit om een beeld te krijgen van de mate van innovatie in het Nederlandse bedrijfsleven. Dit jaar zijn circa duizend managers van Nederlandse bedrijven gevraagd naar hun activiteiten op het gebied van innovatie, digitalisering, de coronacrisis, duurzaamheid en diversiteit.

De uitkomsten zijn te vinden in het gepubliceerde rapport. Twee conclusies uit het rapport gericht op digitalisering bieden een interessant perspectief voor het Nederlandse bedrijfsleven. Met name voor bedrijven die de eerste schok van corona achter zich gelaten hebben en zich richten op de fase van economisch herstel die komen gaat.

Ten eerste concludeert de Monitor dat in Nederland bedrijven volop bezig zijn met digitalisering. Echter focust het merendeel van de bedrijven zich voornamelijk op één element van een succesvolle digitale innovatiestrategie, namelijk nieuwe technologieën inpassen. Andere onderdelen die een digitale transitie succesvoller kunnen maken, zoals veranderingen in bedrijfsstructuren en op organisatorisch vlak doorvoeren, of verdienmodellen herijken, komen minder aan bod.

Ten tweede volgt uit het onderzoek dat managers van ‘digitaal volwassen’ bedrijven aangeven dat hun onderneming beter in staat is om de vruchten van digitalisering te plukken in de vorm van omzetgroei. Een bedrijf scoort hoog op de schaal van digitale volwassenheid als het bij de digitale strategie rekening houdt met de volgende onderdelen: de adoptie van nieuwe technologieën, nieuwe vormen van waardecreatie, organisatorische veranderingen en financieel-strategische aspecten. Bedrijven die hoog scoren, zijn beter in staat om meer omzet te halen uit technologieën die nieuw zijn voor de markt en nieuw zijn voor het bedrijf. Innovatie op digitaal vlak leidt bovendien tot betere uitkomsten wanneer het bedrijf digitale innovatie in de gehele onderneming inpast.

Nu bedrijven door de coronacrisis hun investeringen behoorlijk terug hebben geschroefd, is het van belang dat investeringen die wel doorgang vinden onder de juiste omstandigheden plaatsvinden. Dat vergroot de kans op succes en draagt bij aan het herstel van de Nederlandse economie. Doorgaans kunnen crises ook een moment bieden om bepaalde reorganisaties wél door de voeren en de juiste omstandigheden voor digitale investeringen te creëren. Onderzoek toont bovendien aan dat een crisis voor bedrijven een goed moment kan zijn om aan te haken bij de meer productieve bedrijven uit hun sector. (Jan-Paul van de Kerke)

Snapshots van een economie die maar geen ‘cheese’ kan zeggen

De pintransacties van ABN AMRO laten een sterk verband zien tussen corona en de consumptieve bestedingen. Zodra het aantal besmettingen toeneemt, komen met name in de sectoren waar veel persoonlijk contact is de uitgaven onder druk te staan. De pintransacties veranderen van groen (meer transacties dan vorig jaar) naar rood (minder transacties dan vorig jaar).

Bij het verbruik van elektriciteit is een vergelijkbare relatie zichtbaar. De Brusselse denktank Breugel houdt van alle Europese landen het wekelijkse elektriciteitsverbruik bij. Wat blijkt? Zodra het aantal besmettingen toeneemt, kleurt het land rood (verbruik daalt), omdat het maatschappelijk verkeer stilvalt en de elektriciteitsvraag afneemt.

Ook de wekelijkse cijfers voor het goederenvervoer van CBS tonen een innige relatie tussen corona en de economische activiteit. Dit jaar is het vervoer over het spoor, de weg, het water en in de lucht sterk afgenomen. De hoeveelheid vervoerde goederen daalde maandenlang, herstelde daarna iets, maar blijft nu de tweede golf de kop opsteekt ruim onder het oorspronkelijke niveau steken.

Net als de pintransacties en het elektriciteitsverbruik blijkt het goederenvervoer dus eveneens gevoelig voor de recent weer opgelaaide besmettingen. Maar het is niet louter corona dat het goederenvervoer parten speelt. De goederenoverslag in de zeehavens begon al ruim voordat corona opspeelde af te nemen. Reeds in de tweede helft van vorig jaar zette de daling in.

De afname van het goederenvervoer heeft te maken met die andere sluipmoordenaar: de onder president Trump opgelopen internationale handelsspanningen. Hoe langer deze spanningen aanhouden, hoe schadelijker deze zijn voor het langetermijngroeipotentieel van de economie, net als corona. Wat dat betreft valt er weinig te lachen als het gaat om de economie. (Philip Bokeloh)

Het bericht De week van de minimumloonstijging, teruglopende consumptie, de innovatiemonitor en goederenoverslag. verscheen eerst op Insights.

Source



Categories: ABN Amro, Economie, Research

%d bloggers liken dit: