Centrale bankiers kunnen veel leren van het EK-voetbal

Met een indrukwekkende loopactie slalomt Donyell Malen door de defensie van Tsjechië. Hij komt oog in oog met de Tsjechische doelman. Bal over de sluitpost stiften of erlangs schieten en Oranje staat voor. Malen wil echter ook de keeper voorbij. Dat bleek net iets te veel te zijn.

De doelman gooit zich op de grond en ritst de bal weg voor de voeten van de Oranjespits. Weg kans. Enkele tellen later glijdt een verdediger van Oranje uit, maakt hands om een vrije doortocht voor een Tsjechische spits naar het Oranjedoel te vermijden en krijgt daarvoor rood. Het zou een uitglijder met enorme gevolgen blijken: de Tsjechen scoren twee keer en Oranje kan naar huis.

Een uitglijder maken of overmoedig worden en te veel willen, is niet alleen voorbehouden aan voetballers, ook de centrale bankiers moeten daarvoor waken.

De overmoed is er helaas volop. Neem de overtuiging dat de recente stijging van inflatie tijdelijk fenomeen is. Dat kan best zo blijken maar uit het oogpunt van risicomanagement en, niet te vergeten, op basis van de beroerde trackrecord van eigen voorspellingen, zouden de centrale bankiers er ook rekening mee moeten houden dat de inflatie hardnekkiger kan blijken te zijn en dus een plan B opstellen. Daar is echter geen sprake van.

De huidige inflatiestijging is dé kans voor centrale bankiers om de verwachtingen te temperen dat de rente die ze vaststellen eeuwig op 0% zal blijven. Natuurlijk, dat zou voor een reactie in de economie en op de financiële markten kunnen zorgen, maar op een wat langere termijn bezien – en dáár hebben we onafhankelijke centrale banken voor, om niet alleen naar de korte termijn te kijken – zou het temperen van die verwachtingen goed uitpakken.

Mis die kans en je zou er spijt van kunnen krijgen. Malen en Oranje kunnen erover meepraten.

Onzinnige De Boer-uitleg

Als de inflatie onverhoopt een ander verloop vertoont dan waar de centrale bankiers thans vanuit gaan, maakt u zich dan overigens op voor onzinnige uitleg vanuit de centrale banken á la redenering van bondscoach Frank de Boer dat Oranje weliswaar niet één keer op doel schoot maar wel mooi drie keer de achterlijn haalde.

De centrale bankiers-variant daarvan zal waarschijnlijk zijn dat de inflatie misschien we te lang te hoog is maar als je kijkt naar de inflatiecijfers zonder goederen en diensten die duurder zijn geworden, dan is de geldontwaarding juist misschien te láág.

Enkele dagen na de aftocht van Oranje, kruisten Zwitserland en regerend wereldkampioen Frankrijk de degens. Zwitserland kwam verrassend voor te staan en kreeg vervolgens ook een strafschop. Die werd gemist en in plaats van 2-0 voor te staan, kreeg de ploeg van het Alpenland daarna in slechts enkele minuten twee doelpunten tegen om de oren.

Toen iets later ook nog eens 3-1 viel, leek de wedstrijd gespeeld. De Zwitsers zagen dat echter niet zo. Uiteindelijk scoorden ze nog twee keer om vervolgens na strafschoppen Frankrijk naar huis te sturen.

Maar voordat een centrale bankier dat voorbeeld gebruikt om aan te geven dat het uiteindelijk allemaal goed komt, als je maar hard genoeg werkt: het muntje kan net zo makkelijk de andere kant op vallen. Kroatië stond ook 3-1 achter tegen Spanje, maakte de achterstand goed alleen maar om uiteindelijk met lege handen te blijven.

Plan A hebben is goed. Plan B hebben is nog beter. Ik hoop dat ze bij de ECB het EK volgen en ervan leren.

Deze column is 30 juni jl. gepubliceerd in DFT.nl

Het bericht Centrale bankiers kunnen veel leren van het EK-voetbal verscheen eerst op OHV.

Source



Categories: Research